Home Specialismen Afkorting voorstellen
← Specialismen

Orthopedie

38 afkortingen

Afkortingen rondom het houdings- en bewegingsapparaat, gewrichten, botten en prothesen.

Orthopedie - algemeen 24 Orthopedie - prothesen & ingrepen 14

Orthopedie - algemeen

ACL Voorste kruisband
Anterior Cruciate Ligament. Band in de knie die rotatiestabiliteit biedt.
AKB Achterste kruisband
Nederlandse afkorting; internationaal PCL genoemd.
AVN Avasculaire necrose
Afsterven van botweefsel door onvoldoende bloedtoevoer.
BSG Bovenste spronggewricht
Het eigenlijke enkelgewricht.
CRPS Complex regionaal pijnsyndroom
Chronische pijnaandoening die kan ontstaan na letsel of operatie, ook wel posttraumatische dystrofie.
CTS Carpaletunnelsyndroom
Beknelling van een zenuw in de pols met tintelingen in de hand.
DIP Distaal interfalangeaal gewricht
Buitenste vingergewricht, bij de nagel.
DVT Diepe veneuze trombose
Bloedstolsel in een diepe ader, veelal in het been. Risico op longembolie.
FAI Femoroacetabulair impingement
Inklemming in het heupgewricht door botafwijking van kop of kom.
Fx Fractuur
Botbreuk. In verslagen ook genoteerd als #.
HNP Hernia nuclei pulposi
Rughernia: uitstulping van de tussenwervelschijf die op een zenuw drukt.
MCL Mediale collaterale band
Ligament aan de binnenzijde van de knie.
MCP Metacarpofalangeaal gewricht
Knokkelgewricht tussen middenhandsbeen en vingerkoot.
OA Artrose
Osteoartritis. Slijtage van het kraakbeen in gewrichten, met pijn en bewegingsbeperking.
OSG Onderste spronggewricht
Gewricht onder de enkel, tussen sprongbeen en hielbeen.
PCL Achterste kruisband
Posterior Cruciate Ligament. Band in de knie die achterwaartse beweging van het scheenbeen beperkt.
PIP Proximaal interfalangeaal gewricht
Middelste vingergewricht.
PRP Plaatjesrijk plasma
Behandeling waarbij eigen bloedplaatjes worden ingespoten om genezing te bevorderen.
RA Reumatoïde artritis
Chronische auto-immuunziekte die gewrichten aantast.
ROM Bewegingsuitslag
Range of Motion. De mate van bewegingsvrijheid van een gewricht, uitgedrukt in graden.
RSI Repetitive strain injury
Klachten aan arm, nek of schouder door herhaalde bewegingen; tegenwoordig KANS genoemd.
TENS Transcutane elektrische zenuwstimulatie
Pijnbestrijding via zwakke elektrische stroompjes via de huid.
VKB Voorste kruisband
Nederlandse afkorting; internationaal ACL genoemd.
WAD Whiplash-associated disorder
Nekklachten na een acceleratie-deceleratietrauma, meestal een kop-staartbotsing.

Orthopedie - prothesen & ingrepen

APM Artroscopische partiële meniscectomie
Kijkoperatie waarbij een beschadigd deel van de meniscus wordt verwijderd.
AS Artroscopie
Kijkoperatie in een gewricht.
DHS Dynamische heupschroef
Implantaat voor stabilisatie van heupfracturen.
FE Fixateur externe
Uitwendig frame dat een botbreuk stabiliseert via pennen door de huid.
IMN Intramedullair nagel
Metalen staaf die in het merg van een lang bot wordt geplaatst bij fracturen.
K-draad Kirschner-draad
Dunne metalen draad voor tijdelijke of definitieve fixatie van botfragmenten.
ORIF Open reductie interne fixatie
Operatieve behandeling van botbreuken waarbij de breuk wordt gesteld en vastgezet met platen, schroeven of pennen.
OSM Osteosynthesemateriaal
Platen, schroeven of pennen die een botbreuk fixeren.
THP Totale heupprothese
Vervanging van het heupgewricht door een kunstgewricht, inclusief kop en kom.
TKP Totale knieprothese
Vervanging van het gehele kniegewricht door een kunstgewricht.
TLSO Thoracolumbosacraal orthese
Rugkorset dat de wervelkolom ondersteunt en immobiliseert.
TSP Totale schouderprothese
Vervanging van het schoudergewricht door een kunstgewricht.
UKP Unicondylaire knieprothese
Gedeeltelijke knievervanging waarbij slechts één gewrichtscompartiment wordt vervangen.
VOSM Verwijdering osteosynthesemateriaal
Operatieve verwijdering van platen, schroeven of pennen na genezing van een botbreuk. Soms ook afgekort als OSV.